Hoeveel betaalde de provincie aan de MBEG?

16 mei 2026 – De verkoop van Paleis Soestdijk aan de MeyerBergman Erfgoed Groep werd destijds verdedigd met één centraal argument: de restauratie van het paleis zou zó kostbaar zijn dat alleen een ingrijpende commerciële herontwikkeling het monument nog kon redden. Vanwege die restauratieopgave werd een landgoed van 165 hectare met paleis, tientallen opstallen, woningen en ontwikkelmogelijkheden voor slechts 1,7 miljoen euro verkocht aan een projectontwikkelaar. Vanwege diezelfde restauratieopgave kreeg de MBEG bovendien ruimte voor een omvangrijk woningbouwprogramma als financiële kostendrager. Je zou zeggen dat de overheid daarmee al uitzonderlijk ver was gegaan. Let wel: het ging hier om publiek bezit en publieke belangen. Maar waarom moest de provincie Utrecht de eigenaar vervolgens óók nog eens 4 miljoen euro restauratiesubsidie toezeggen?

Juist dat maakt het verhaal steeds ongeloofwaardiger. Want negen jaar later is van een integrale restauratie nog altijd geen sprake. Waar in de aanloop naar de verkoop in 2017 werd gesproken over een restauratie van meer dan 100 miljoen euro, gaat het nu slechts om vergunningsvrij regulier groot onderhoud aan delen van de buitenzijde van het paleis. De financiële steun van de overheid en de commerciële exploitatie kwamen er wél. De beloofde restauratie niet.

Behoud het Borrebos heeft daarom op 7 april 2026 een Woo-verzoek ingediend bij de provincie Utrecht met vragen over de toegezegde subsidie, de uitgekeerde bedragen en documenten die verwijzen naar de onderliggende motivatie. Op het informatiebord in de tuin van het paleis staat immers expliciet vermeld dat het huidige onderhoud mede mogelijk wordt gemaakt door de provincie Utrecht.

Waar je zou mogen verwachten dat beantwoording van zulke vragen eenvoudig zou moeten zijn is het bijna zes weken later nog altijd wachten op een reactie. Als de antwoorden op 20 mei nog steeds uitblijven, zal de stichting de provincie formeel in gebreke stellen. Daarna volgt een hersteltermijn van veertien dagen. Blijft een besluit ook in die periode achterwege, dan volgt een gang naar de bestuursrechter. Wij hopen dat het zover niet hoeft te komen en dat de provincie uiteindelijk gewoon openheid van zaken geeft. Het gaat hier immers om gemeenschapsgeld waarover publieke verantwoording behoort te worden afgelegd.